donderdag 21 april 2016

The way to Amarillo

Santa Fe – Amarillo


Met op de achtergrond de Sangre de Christo bergen ligt Santa Fe op 2300 meter hoogte. Het is de hoofstad van Nieuw Mexico maar heeft een heel ingetogen en eenvoudige sfeer. De gebouwen hebben de typische adobe bouwstijl met afgeronde vormen. Dat is vooral rond de oude Plaza te zien waar we met de camper naar toe rijden. Die plaza en het oude centrum zijn natuurlijk helemaal niet ingericht op campers; het is er smal en overvol. Wel is er een particulier parkeerterrein en de mevrouw vraagt voor 2 uur 25 dollar. Na enig onderhandelen wordt het 20 en daarna 15 dollar waarna we alsnog verder rijden op zoek naar het oude station. We hebben gehoord dat je daar voor 1 dollar per uur kan parkeren. Daar hebben we wel een stukje lopen voor over.



De plaza in het centrum is sfeervol. We wandelen over de Indian Market langs de Palace of the Governors, bezoeken de Loretto Chapel met de beroemde wenteltrap die op miraculeuze wijze zonder middenas schijnbaar de wetten van de zwaartekracht negeert. Bij het station fotograferen we de gigantische Amtraktreinen.

De overnachtingsplek bij Walmart is prima met uitzicht op de bergen. De volgende dag nemen we onder een stralende zon afscheid van het bijzondere zuidelijk alpine klimaat en dalen we langzaam maar zeker af richting het oosten naar de grote vlakten We rijden uren door bijna verlaten landschappen en komen uiteindelijk aan in San Jon. Hier is een gratis gemeente camping. Denk niet aan een mooi onderhouden gemeentepark of zo. Is het in de tijd van Route 66 die er langs loopt waarschijnlijk ooit geweest, maar nu maakt deze plek deel uit van het ruige landschap. In de middag maken we kennis met het bijbehorende weertype: onweersbuien, hevige windstoten, onheilspellende luchten en een prachtige zonsondergang. Saai is het hier dus niet.



Met een stralende zon nemen we de volgende dag afscheid van San Jon en weldra zijn we in de staat Texas en daarmee de derde tijdzone op deze tocht, central time. Waar vroeger in Texas de olievelden werden geëxploiteerd, hebben de jaknikkers hier plaatsgemaakt voor enorme windmolenparken die urenlang de horizon bepalen.. Als we Amarillo naderen wordt het land groener, met grote farms. We rijden naar het Palo Duro Canyon State Park. Anders dan bij Grand Canyon kun je het met de camper naar de bodem van de canyon rijden; een bijzondere ervaring. De kleuren zijn prachtig en we pakken een terrasje: stoelen en tafeltje uitklappen en met een drankje genieten van het spectaculaire landschap met het prille groen.




Is this the way to Amarillo.....
Degenen onder ons die dit liedje uit 1971 kennen weten dat de trucker hoopt dat Marie daar op hem wacht. Ons wacht in ieder geval de knotsgekke Big Texan, waar je gratis een ’72oz steak’ kunt eten. Let wel, dit is een biefstuk van 2 kilo met de bijbehorende gerechten. Die moet je binnen een uur weg weten te werken. Krijg je dat niet voor elkaar, dan moet je 72 dollar dokken. Wij kiezen voor een inderdaad fantastische steak, maar dan een van 12 ons, met z’n tweeën. En de sfeer is geweldig. Texas, we love you!




Moe en voldaan belanden we daarna bij Walmart.



Albuquerque

Albuquerque

Omdat het weer in de bergen de komende dagen niet best is - in Santa Fe verwacht men zelfs sneeuw -, besluiten we in het weekend hier te blijven. 

Op zondagmorgen gaan we naar de Berean Baptist Church. Het is een warme, vriendelijke gemeente. De liederen zijn in de stijl van Johan de Heer en de preek van Reverend Don Weakland gaat over Hebreeën 7; Jezus als hogepriester naar de orde van Mechizedek. Geen eenvoudige kost, maar goed uitgelegd. Met de hartelijke uitnodiging om ons aan de Heer toe te vertrouwen.

We maken een wandeling in Old Town. Heel kleinschalig met een authentieke pueblosfeer. Hier proeven we de indiaanse en Mexicaanse oorsprong van de stad.

Daarna rijden we door downtown, het zakencentrum van ABQ. De inrichting is mooi, met een modern plein, veel glas en een toegankelijk verblijfsgebied. Maar het is er stil, waarschijnlijk omdat het zondag is. Central Ave, de oude Route 66, is wel levendig. Nob Hill, in het verlengde, is met de Universiteit van Nieuw Mexico zo’n beetje het yuppengebied: veel opgeknapte appartementen en studenten. We zien ook veel zwervers. De contrasten zijn groot.

Op maandag bezoeken we The National Museum of Nuclear Science and History, het enige nationale museum in Nieuw Mexico. Dat dit museum in ABQ te vinden is, is niet toevallig. Honderd mijl hiervandaan is de eerste bom in White Sands tot ontploffing gebracht. Een van de thema’s is dan ook het Manhattan Project en daarmee de geschiedenis van de atoombom. We zijn onder de indruk van de afschuwelijke beelden na het werpen van de bommen op Hiroshima en Nagasaki.

Ook wordt veel aandacht besteed aan de Koude Oorlog. Buiten zien we o.a. een reusachtige B-52 bommenwerper die in die periode een belangrijke strategische rol speelde.

zaterdag 16 april 2016

Flagstaff - Albuquerque

Flagstaff – Albuquerque


Vanuit Flagstaff rijden we naar Sedona. Voor we de diepte induiken van Oak Creek Canyon, nemen we nog even een kijkje vanaf het uitzichtspunt. De tocht door de canyon is prachtig, maar de weg is (relatief) smal. Sedona is een geliefd oord. Toeristen, kunstenaars en New Agers die geloven in hier aanwezige aardse en kosmische energiecentra overspoelen het stadje. Wij gaan er naar toe om de magnifieke omgeving: de rode bergwereld met indrukwekkende rotsformaties, afgewisseld met groene veelal subtropische beplaning. Wij rijden het stadje door, op zoek naar de plek waar we vier jaar geleden gestaan hebben. Die vinden we, een kampeerplek van National Forest, waar we samen met tien andere campers uitzicht hebben op de rotsen van Sedona die in de avondzon rood opgloeien.






Onvergetelijk is ook de volgende dag. Eerst bezoeken we Bell Rock en andere rotspartijen. Prachtig. We rijden weer richting Flagstaff om, voor we verder gaan naarhet oosten, een dump te vinden. Rond Flagstaff zijn de dumps niet dikgezaaid, maar gelukkig vinden we er een bij een benzinestation. Waar de tocht richting Gallup, en daarmee de volgende staat, New Mexico, vol goede moed begint, wordt het afzien. We belanden in stortbuien en rukwinden. Voor het eerst zien we het tumbleweed dwars over de weg waaien en moeten we goed opletten als trucks ons passeren. Het landschap is saai - of wij zijn verwend - en de weg is slecht. De camper krijgt er flink van langs. Als we in Gallup aankomen is ons eerste doel de parkeerplaats van Walmart. Het wordt koud en we doen de kachel aan. Die blaast eerst koude lucht en vervolgens slaat hij af. Gelukkig hebben we via Home Depot internet en kunnen we goochelen waar het probleem zit. Waarschijnlijk de thermostaat. Die uit elkaar gehaald, en ja hoor, draadje los. Dat gefixt en de kachel doet het weer. Een geschenk! Eerst een spelletje, daarna slapen. Nou ja, slapen. Rondom is zwaar verkeer, en op een aparte truckparkeerplaats even verder op staan de generatoren te dreunen. Tot overmaat van ramp komen er de hele nacht ook nog eens treinen langs met hun mijlenver klinkende hoorns. Oordoppen helpen hier niet. En het is berenkoud.




De volgende morgen, na toch nog wat geslapen te hebben, doen we de gordijnen open: sneeuw! Maar de verwarming doet het en we ontbijten gezellig met uitzicht op de sneeuw. We horen dat het vanmiddag gaat onweren. Alles overwegende lijkt het verstandig om meteen maar door te rijden naar Albuquerque.

Het klaart op, de buien worden minder, de sneeuw verdwijnt, en we gooien onderweg de tank vol voor $1,79 voor een gallon (3,79 liter), de goedkoopste tot nu toe. Weer gaan we naar Walmart die hier zelfs ook nog de luxe biedt van gratis internet. Hier is het rustiger dan bij de vorige. Nu nog op zoek naar een plek om te overnachten.

vrijdag 15 april 2016

Lake Havasu - Grand Canyon


Lake Havasu – Grand Canyon

Lake Havasu is een afgedamd gedeelte van de Colorado River. Robert McCulloch, een ondernemer, kocht eind jaren zestig London Bridge van de City of London, liet hem ontmantelen en in Lake Havasu City weer steen voor steen opbouwen over een speciaal gegraven kanaal. Bij de brug kwam een hotel in Engelse sfeer met pubs en een brouwerij: The English Village. En jawel, het werd een toeristische trekpleister. Het is een vreemde gewaarwording om over deze typisch Engelse brug te lopen,met de originele bronzen lantaarns en naamsaanduidingen zoals je die overal in Londen tegenkomt. Op het eiland dat ontstond door het graven van het kanaal zijn hotels, speeltuinen, een strand, een jachthaven en een wandelboulevard met uitzicht op het meer. We lopen door deze subtropische oase met geurende oleanders en palmbomen.

De volgende dag rijden we over de Interstate 40 verder riching het oosten. De woestijn verrast steeds weer met zijn schakeringen: rood, bruin, geel. De interstate stijgt en daalt. We passeren af en toe truck stops. Je kunt er tanken, eten kopen, internetten, naar de wc en douchen. Vaak zijn het enorme plaza’s, parkeerterreinen waar je ook kunt overnachten. De stoere trucks met de onverbiddelijke voorbumpers, de grote slaapcabines, ‘breathers’ en uitlaten boven de cabines worden bestuurd door mannen, vrouwen en echtparen. We zien ze bij Dunkin Donuts met eten naar buiten komen en hun veelal zware lijf de cabine inhijsen. Op naar de volgende bestemming.

Williams is onze laatste stop voor Grand Canyon. Hier ging Route 66 dwars doorheen en werd als laatste Interstate 40 omheen gelegd. Ze leven hier van de nostalgie met plenty ‘klassieke’ Route 66 hotels, motels en bars.




Bij Grand Canyon melden we ons optimistisch bij Mather Campground. In deze tijd van het jaar zullen ze wel een plekje hebben. Nee dus, no vacancies. Ingrid heeft ergens gelezen dat National Kaibab Forest net voor de ingang park mogelijkheden biedt om in de natuur te overnachten. Dispersed camping, verspreid kamperen. Dat blijkt te kunnen en zo slapen we twee nachten op een prachtige plek tussen de geurige naaldbomen terwijl we overdag Grand Canyon bezoeken.





Grand Canyon National Park. Een van de zeven wereldwonderen. Ontroerend mooi. We zijn er nu voor de twee keer en komen weer woorden tekort. Bij twee uitzichtpunten zien we bijbelteksten. Een ervan is: ‘Sing to God, sing praises to His name. Lift up a song to Him who rides upon the clouds; His name is the Lord, exult before Him. Ps 68:4.’ Op de eerste dag lopen we eerst een stuk de Canyon in via de South Kaibab Trail. Een belevenis! Daarna laten we ons langs de South Rim naar verschillende uitzichtspunten rijden door de gratis shuttle bus. Op de tweede dag rijden we zelf met de camper langs de Rim naar het oosten. We stoppen bij de uitzichtspunten, nemen onze tijd met een bak koffie met uitzicht op de Canyon. Wat wil een mens nog meer! We verlaten het park en rijden richting Flagstaff. Daar vinden we weer een plekje in het National Forest langs de hellingen van Arizona’s hoogste berg, Humphreys Peak. Aan de andere kant ligt de Snowbowl. Toen we de vorige keer hier waren hebben we in de sneeuw bij de skiliften gestaan. Gaan we nu niet doen.

zondag 10 april 2016

Las Vegas - Ridgecrest

Las Vegas – Ridgecrest CA
‘What brought you to the desert, sir?’, vraagt de jongen met het keurige zigzag patroon geschoren in zijn zwarte kroeshaar die ons helpt met het tanken van lpg. ‘That’s a long story’. We staan op het platteland bij Ridgecrest CA bij en boerenmarktje. De gezelligheid spat er van af. Het is een komen en gaan van boeren die komen tanken en hun inkopen doen in het winkeltje. Je kunt er terecht voor levensmiddelen, veevoeders, kunstmest, machineonderdelen, jachtgeweren en nog veel meer. Op het pleintje voor de winkel is een stalletje waar Mexicanen op sissende schalen hun vers bereide gerechten aanbieden. De geuren komen je tegemoet.

We staan aan het begin van onze nieuwe camperreis. De dag ervoor heeft de Boeing 747 van British Airways ons na een reis van zeventien uur op McCarran International Airport in Las Vegas gedropt. We zijn zo’n beetje de oudste passagiers onder de paar honderd merendeel Britse medereizigers op weg naar hun nieuwste uitspattingen: gokken, goedkope drank en magic shows in de nepomgeving van ondermeer Parijs en Venetië. Welkom in Sin City, dit sprookje in de woestijn waar je ‘s nachts om twee uur grootmoeders tegenkomt met in de ene hand een cigaret en in de andere een bierglas.

We hebben bij Hertz een auto gereserveerd om naar Ridgecrest te rijden. Geen balie in de hal van het vliegveld maar een bus die ons naar het Rental Car Centre brengt. De chauffeur, behulpzaam met de bagage en hopend op een goede fooi, grijnst ‘Come to Las Vegas for gambling, sir? Did you bring your hundred dollar bills?’. In het centrum zijn zo’n tien autoverhuurmaatschappijen geconcentreerd met ieder hun eigen parkeergarage. Wij worden bij Herz vriendelijk te woord gestaan door een dame  via een videoscherm met achter zich de setting van een maagdelijk landschap. Na veel gedoe met het checken van de reservering, het tonen van onze ID voor een camera, het swipen van de onvermijdelijke credit card, het afwimpelen van de kostbare extra’s die de vriendelijke dame in het serene landschap ons probeert aan te smeren en het zetten van handtekeningen op een scherm worden onze papieren uitgeprint. Het zou ons niets verbazen als we volgend jaar met een robot te maken krijgen. We halen onze Toyota Corolla op. We fotograferen alle krassen die we kunnen vinden en het lijkt ons verstandig om dat toch maar even aan een medewerker mee te delen. We krijgen een formulier waarop we de krassen aangeven en bij het wegrijden krijgen we de vriendelijke geruststelling dat het wel goed zit.

Op naar het hotel. De Corolla rijdt prima. Met de jaarlijks 37,5 miljoen belasting betalende bezoekers is Las Vegas een rijke stad. Dat vind je terug in de infrastructuur; brede boulevards, groene plantsoenen met watervallen die heel veel kostbaar water vragen, viaducten waar de betonnen onderlaag is gestuct in terra cotta.

De glamour en glitter versus de onttakeling komen we tegen in ons Excalibur Hotel. Om je te registreren voor je kamer moet je door het casino. Honderden gokautomaten, bars, restaurants in een schemerdonkere omgeving, met alom lichtflikkering van reclames en schermen. Honderden, jong en oud, veelal lijdend aan overgewicht, met coctailglas of beker met koffie,  asbak met peuken ernaast, zitten op het scherm te staren. ‘s Nachts om vier uur worden we wakker omdat een van de grootmoeders in de kamer naast ons, waarschijnlijk nog met het bier in de hand, zonodig luiddruchtige telefoongesprekken moet voeren. Zonder enige terughoudendendheid mag de hele gang meegenieten. Als we de volgende morgen vroeg uit uitchecken, is het alweer druk bij de automaten en de balies. Life goes on.

Dan op weg naar Ridgecrest, 384 kilometer verderop in de Mojave Desert. Vergezichten, bergen, rotsformaties van lavagesteente, in de zomer een hete oven, nu in het voorjaar goed te doen. Wat zeggen we, het begint te gieten. Enorme hoosbuien. Dat zijn ze hier niet gewend! Binnen een paar mijl zien we op een bergrug vier ongelukken. Een auto ligt op zijn kant in de berm. De inzittenden lijken er goed vanaf te zijn gekomen.  Andere auto’s zitten flink in elkaar en ambulances en politie is aanwezig. We schrikken toch wel even, al gunnen we  de Californiërs hun regen. Nadat El Niño de afgelopen winter Noord-Californië regen bracht is nu hopelijk het zuiden aan de beurt. We treffen onze camper in goede conditie aan. Hij start gelijk! Joël en Annemieke hebben hem in prima conditie achtergelaten. Het enige dat we moeten zien op te lossen is wel tricky: de stop van de boiler. De kop is er af gescheurd, en de draad zit nog op de schroefdraad van de boiler. De eigenaren van de stalling zijn vriendelijk en behulpzaam. Walt, een zestiger, Harley Davidson type, met lange haren en snor, gaat dit voor ons regelen. In de stromende regen krijgt hij het uiteidelijk voor elkaar: de oude draad er uit en een nieuwe stop er op. ‘How much do I owe you?’, vraag ik hem. ‘Nothing’, zegt hij, ‘pray for me, I have heart surgery tomorrow’. Inderdaad zijn ze de volgende gesloten. We hebben voor hem gebeden.

Na op hun camping overnacht te hebben zijn we dus eerst lpg gaan tanken. Met direct bij de boerenmarkt de geur van het zuidwesten. Het leven in de woestijn is ruig. De mensen zijn ruig. Hier moet je overleven. Afhankelijk van het spaarzame water. Dus de regen is een blessing zei de vriendelijke jongen met het zigzag patroon.

Het is nu zaterdag en we rijden opnieuw dwars door de Mojave Desert naar Lake Havasu, 432 kilometer. Dit is Arizona. En een nieuwe tijdzone. Moet je wel erg in hebben. We vinden in de vrije natuur een prachtige plek op BLM land ( Bureau of Land Management) waar nog zo’n twintig anderen staan. Het is zondag en we nemen een dag rust.


dinsdag 5 april 2016

Op weg naar Las Vegas

We gaan het weer proberen. En dan bedoel ik het bijhouden van deze blog als we de komende weken door Amerika gaan reizen. Overmorgen vliegen we met BA naar Las Vegas, overnachten in het Excalibur Hotel & Casino - jawel - en rijden de volgende dag met een huurauto door naar Ridgecrest CA om daar onze camper op te pikken. Die is daar vorig jaar gestrand na een enerverende reis die we waren begonnen in Seattle en via Canada in Death Valley tot zijn einde was gekomen. Klinkt dramatisch, maar dat valt mee hoor! Om een lang verhaal kort te maken, we hadden problemen met de transmissie en uiteindelijk hebben Annemieke en Joel, nadat ze de camper in San Francisco van ons hadden overgenomen, met hun doortastend optreden er voor gezorgd dat de transmissie in Ridgecrest is gerepareerd. Daar staat hij dus nu en daar halen wij hem op.

Overigens was het gedoe met die transmissie een van de redenen dat we vorig jaar ons blog niet vol hebben gehouden. Met camperreizen vertel je nu eenmaal het liefst de succesverhalen en met pech scoor je niet echt! Nee hoor, de reden was dat met de regelmatige problemen in combinatie met de slecht internetverbindingen in sommige gebieden het te veel gedoe gaf om het blog bij te houden. Dit jaar hopen we ons leven te verbeteren. Tot ziens op onze reis!

zondag 21 juni 2015

Lillooet Lynden

Van Lillooet naar Lynden (VS)

Lyle, de eigenaar van de sleepdienst, komt de volgende morgen (woensdag) langs om te kijken hoe het met de RV is. We weten ondertussen dat het bedrijf waar we naar toe gesleept zijn, geen tijd heeft om ons te helpen. Lyle belt met de tweede ‘garage’ die het dorp rijk is. Er zijn nog vier wachtenden voor ons! Misschien kan hij er vrijdag aan beginnen.... We kopen een paar flesjes transmissievloeistof en die gaan helemaal leeg. Lyle rijdt voor ons uit naar een camping en legt uit waar de ‘garage’ precies is. We zien geen lekkage meer en het rijden gaat goed. Voorzichtig rijden we ’s middags naar het dorpje om te internetten en de noodzakelijke boodschappen te doen. Het is hier mooi, ongerept, heet en ruig; de enige woestijn van Canada, zoals inwoners vertellen. 
De volgende dag rijden we langs de ‘garage’, een rommelig bedrijfje, waar we horen dat het wel woensdag kan worden als er iets met de transmissie is. We besluiten daarom rustig naar de bewoonde wereld te rijden, nadat we ons ervan hebben verzekerd dat we geen bergpassen tegen zullen komen. Het gaat goed, we rijden door de Fraser Canyon, overnachten in Yale naast het spoor en we weten wat dat betekent... 
Vrijdagmiddag komen we in Chiliwack bij een garage. Hier worden we direct geholpen. We vertellen ons verhaal, de monteur rijdt een stukje, zegt dat hij prima schakelt (vonden wij ook) en hij ziet geen lekkage. Hun conclusie: oververhitting van de vloeistof. Een nieuwe, grotere koeling voor de transmissievloeistof moet het probleem oplossen. Het klinkt ons, als amateurs, logisch in de oren en het wordt direct geregeld.  We overnachten op een mooie, rustige parkeerplaats bij de plaatselijke Walmart en gaan zaterdag bij Abbotsford de grens over naar Amerika. We rijden naar Lynden, een plaatsje dat voor de helft bestaat uit mensen met een Nederlandse achtergrond, en zetten de RV op het megagrote parkeerterrein van de Sonlight Christian Reformed Church, naast een groot grasveld en met uitzicht op de besneeuwde top van Mount Baker. Een korte wandeling door het plaatsje bepaalt ons bij de Nederlandse roots; een molen, een ‘postkantoor’, een ‘bakkerij’, een muurschildering met een typisch Nederlands tafereel, Nederlandse namen etc.
De kerkdienst doet ons denken aan de diensten van onze gemeente in Voorthuizen-Barneveld, een warme gemeente met veel jeugd en een opbouwende, inhoudelijke preek.
We genieten van de dienst en van de gastvrijheid van de gemeente.